Ons Korea

Onderwijsprogramma Alles Tonen / Ges / Japanse bezetting / Koreaanse sexslavinnen

Koreaanse sexslavinnen

Zuid Korea

“Het is onvergetelijke geschiedenis. Onze ‘ halmonies’ (grootmoeders in het Koreaans) staan hier voor ons. Zij verzamelen hun moed om de schaamte en het onuitspreekbare leed te overwinnen. Na vijftig jaar van stilte. Dit is de plaats waar een laatste geschiedenisles wordt geleerd, waar de zielen van de jeugd en het gemompel van de overlevenden samenkomen. Onvergeeflijke geschiedenis! Dit is de plaats waar een kostbare les wordt geleerd van de overleveringen van lichaam en ziel door de blinde historie. Vrede zal groeien vanaf nu tot in het nieuwe millennium. Hier is geschiedenis met wonden die niet snel zullen helen. Want geschiedenis is als een heldere spiegel die ons verleden reflecteert.”

53ste herdenking van bevrijding. Deze boodschap was geschreven door de heer Kwak, Jung-Hwan(Voorzitter, Daedong Construction Inc.) via de brochure van the Museum of Sexual Slavery by Japanese Military.

troostmeisjes_1

De term ‘troostvrouwen’ is eigenlijk geen goed woord. Er is hier sprake van vrouwen die gedwongen werden als prostituee te werken voor de Japanse soldaten tijdens de Tweede Wereldoorlog en tijdens de Japanse bezetting van Korea. Zelfs de term prostituee is niet juist, omdat hier nog sprake is van ‘betaling voor seks’ die aan de prostituee zelf toekomt. Er is hier meer sprake van seksslavinnen, omdat de betrokken vrouwen alle rechten ontzegd werden en onvrijwillig tot seksuele handelingen werden gedwongen onder zeer barre omstandigheden.

Korea werd in 1910 een kolonie van Japan. Door deze positie werd het als een gebiedsdeel van Japan de Tweede Wereldoorlog in gezogen. Met name in de latere bezetting van Korea, door Japan, werden er Koreaanse vrouwen gedwongen om als seksslavinnen te werken.

Al tijdens de koloniale periode zetten de Japanners ‘troosthuizen’ op om in de seksuele behoefte van hun militairen te voorzien. Eigenlijk kunnen deze plaatsen beter als georganiseerde verkrachtingscentra beschreven worden. In de koloniale bezetting door Japan worden veel Koreaanse vrouwen gedwongen in de positie van seksslavin. Later in de Tweede Wereldoorlog halen de Japanse soldaten ook vrouwen uit Nederlands Indië, Filippijnen, Nieuw-Guinea, China en nog vele andere landen die ze veroverd hebben.

In Korea worden deze vrouwen Jung Shin Dae (Vrouwen werkkorps) genoemd. Dit woord werd al langer gebruikt sinds de invoering van een wet om vrouwen in te zetten in munitiefabrieken om de missende mannen aan te vullen. Tot voor kort werd gedacht dat de inzet van vrouwen in de fabrieken en voor het vullen van de ‘troosthuizen’ hetzelfde was. Niets is minder waar. Het blijken namelijk twee totaal verschillende systemen te zijn. Uiteindelijk zijn er maar weinig vrouwen, die als ‘arbeider’ werden ingezet. De meesten belanden in de ‘troosthuizen’ als seksslavin.

Met name door de Japanse oorlog in China in 1931 werden de ‘troosthuizen’ opgezet. De Japanse soldaten gingen zich te buiten aan verkrachtingen en liepen op grote schaal geslachtsziekten op. De Japanse legerleiding besloot een systeem te organiseren voor de seksuele behoeften van hun soldaten, omdat ze de seksuele uitspattingen van hun soldaten niet onder controle kregen. In 1932 werd er al een netwerk van gecontroleerde sekshuizen opgezet. Ook kwamen er toen al soortgelijke huizen die door particulieren werden opgezet en gecontroleerd door het leger. Er is genoeg bewijs om te stellen dat dit systeem door de Japanse legerleiding werd georganiseerd en geleid. Dit systeem is tot in 1945, totdat Japan verslagen werd, uitgebreid en actief gebleven.

troostmeisjes_2

Het aantal vrouwen dat hierbij betrokken is geweest, wordt geschat tussen de 50.000 en 300.000. Met name de Koreaanse vrouwen zijn zwaar getroffen, omdat het een kolonie van Japan was. Tenslotte had Japan een conventie ondertekend, in 1925, om onderdrukking en handel in vrouwen en kinderen tegen te gaan. In Korea hoefde ze zich niet aan deze internationale afspraak te houden, omdat het een eigen kolonie was. Doordat de armoede in Korea, in de koloniale periode, aanzienlijk was, waren er altijd wel vrouwen te rekruteren, omdat ze wanhopig waren om aan werk te komen. Dit waren meestal jonge vrouwen onder de twintig die met valse beloften werden gelokt. Meestal met het lokkertje dat ze zouden gaan werken in fabrieken en dat ze veel geld zouden gaan verdienen. Het kwam zelfs regelmatig voor dat Japanse ambtenaren, politieagenten en militair personeel deze vrouwen gewoon ontvoerden. Ze verkochten de vrouwen dan voor flink wat geld. In alle gevallen werd voor het transport van vrouwen naar de ‘troosthuizen’ gebruik gemaakt van militaire transportmiddelen.

De ‘troosthuizen’ kwamen in vele vormen voor. Het konden stenen huizen zijn in steden, maar ook snel in elkaar geflanste houten barakken. In alle gevallen waren de leef- en werkomstandigheden buitengewoon slecht. De vrouwen werden mishandeld en opgesloten. Ook werd er niet voor teruggedeinsd om ze te injecteren met opium om ze gewillig en rustig te houden. De hygiënische omstandigheden waren verschrikkelijk.

troostmeisjes_3

De vrouwen moesten leven volgens de regels van de ‘troosthuizen’. Denk hierbij aan de uren waarin ‘gewerkt’ moest worden, de betaling vande ‘klanten’, geslachtsziekten, vakantie en hygiëne. Zoals al eerder vermeld waren de omstandigheden voor de vrouwen hierdoor toch zeer slecht. Een ‘troostmeisje’ bediende in de ochtend de gewone soldaten, in de late middag de onderofficieren en in de avond / nacht de officieren. Dat wil dus zeggen dat een ‘gemiddelde werkdag’ tussen de 10 en 30 ‘klanten’ betekende. In de weekenden kon dat dus nog wel meer zijn. Het geld dat de soldaten hiervoor betaalden, kwam uiteraard niet bij de vrouwen terecht, maar bij de personen die de ‘troosthuizen’ leiden. Er waren zelfs ‘troosthuizen’ waar helemaal niet betaald hoefde te worden. Het was de bedoeling dat de vrouwen voorbehoedsmiddelen gebruikten en regelmatig getest werden op geslachtsziekten. Maar dat kostte extra geld en

in de meeste gevallen hield men zich hier niet aan. Het resultaat was dat de meeste vrouwen geslachtsziekten opliepen. Het was voor vrouwen in een ‘troosthuis’ vrijwel onmogelijk om te ontsnappen. In een ver land, zonder middelen en onder stevige bewaking bleek dat niet te doen. Als er dan een poging werd gedaan, waren de straffen extreem zwaar en vaak met dodelijke afloop.

Ongeveer eind 1938 waren er meer dan 70 ‘troosthuizen” alleen al in China. In deze huizen waren zeker meer dan 1000 vrouwen ondergebracht als seksslavin. De meeste van deze vrouwen kwamen uit Korea. Een geheim document dat het Korea counterplan heet, was opgesteld nadat Japan de Chinees-Japanse oorlog startte in juli 1937. In dit plan staat een clausule die zegt:’alleen ongetrouwde vrouwen in Korea zullen beschikbaar moeten zijn voor de militaire speciale zaken’. Hier hoort ook een aanvullende clausule bij om de mannen te laten werken in mijnen en wapenfabrieken. De organisaties die dit beleid uitvoerden, waren het Japanse leger met medeweten  en –werken van het ministerie van binnen- en buitenlandse zaken en de meeste overheidsinstellingen.

In juli 1941 maakte Japan een plan om 20.000 ‘troostvrouwen’ te werven in Korea. Dit plan werd ook in werking gesteld. Met als resultaat dat het Japanse leger, met behulp van het Japanse bestuur in Korea, ongeveer 8000 Koreaanse vrouwen ontvoerde en naar Noordoost-China verscheepte. Dat gebeurde voornamelijk onder de eerder genoemde valse voorwendsels.

troostmeisjes_5

In december 1941 breidde de oorlog zich uit, omdat Japan de aanval opende op Amerikaanse, Engelse en Nederlandse gebieden in de Pacific. Dus het aantal ‘troosthuizen’ breidde zich dramatisch uit. Het is niet overdreven om te zeggen dat elk strijdtoneel in de Pacific op zijn minst één ‘troosthuis’ had.

In 1942 werden grote hoeveelheden jonge vrouwen vanuit Korea naar de zuidelijke veroverde gebieden gestuurd. Volgens Japanse documenten waren er 20 ‘troosthuizen’ in Juk-jung lee. Hier waren veel 18- en 19-jarige vrouwen die geen ervaring hadden in de prostitutie.

In januari 1943 waren er ongeveer 100 ‘troosthuizen’ in Noord-China, ongeveer 140 in Zuid China, ongeveer 100 in Zuidoost-Azië, ongeveer 10 in de Zuidzee en rond de 10 op diverse eilanden, waaronder Nederlands-Indië. Dat maakt zeker 400 ‘troosthuizen’. Iedere legerdivisie had ongeveer 5 tot 6 van dit soort ‘troosthuizen’ in zijn gebied. In eerste instantie waren de vrouwen afkomstig uit Korea, China en zelfs Japan. Door het uitbreiden van de oorlog gingen de Japanners ook gebruik maken van vrouwen uit veroverde gebieden.

Tegen het einde van 1943 werd het voor de Japanners steeds moeilijker om voorraden en mankracht te verplaatsen naar de strijdgebieden. Het werd dus vrijwel onmogelijk om ‘troosthuizen’ te bouwen met behulp van private bedrijven. Het Japanse leger begon zelf met het bouwen van ‘troosthuizen’ op Okinawa en de Indonesische eilanden. Hierdoor nam het werven en ontvoeren van vrouwen weer toe.

Gedurende de rest van de oorlog bleef het Japanse leger ‘troosthuizen’ bouwen en dus ook doorgaan met het werven en ontvoeren van vrouwen.

troostmeisjes_6

Zelfs na de bevrijding in 1945 stopte het leed voor deze vrouwen niet. Vele vrouwen werden door de verslagen en terugtrekkende Japanse troepen vermoord. Daarnaast hebben de Japanners veel moeite gedaan om hun sporen uit te wissen. Diegenen die overleefden werden door de geallieerden in krijgsgevangenkampen gezet. Zelfs toen ze daar uit kwamen, bleek het heel moeilijk om weer naar hun eigen land terug te gaan. Ze hadden geen middelen en waren vaak vreemdelingen in het gebied waar ze zich bevonden. Het aantal zelfmoordgevallen was zeer hoog. Dus veel van deze vrouwen hebben nooit naar huis kunnen komen en moesten een minderwaardig leven leiden waar ze waren. Veel van deze vrouwen waren onvoorstelbaar getraumatiseerd en beschadigd en hun omgeving kon of wilde daar geen aandacht aan besteden. Dat maakt het tegenwoordig zo moeilijk om vast te stellen om hoeveel vrouwen het nu gaat. Door de Tweede Wereldoorlog en de Koreaanse oorlog en de daarop volgende scheiding van Korea maakt dat vele vrouwen nooit ontdekt zijn of hun verhaal hebben kunnen doen.

Vanaf 1992 beginnen de vrouwen, die als seksslavinnen in het Japanse systeem gewerkt hebben, zich te roeren. En tot op de dag van vandaag duurt dat protest voort. Deze vrouwen willen vooral erkenning hebben van de Japanse overheid. Sinds december 2015 is er overeenstemming met de Japanse overheid voor het uitbetalen van ondersteunende vergoedingen aan voormalige Koreaanse sexslavinnen.
Echter overweegt de Japanse overheid nog steeds geen formeel excuus.

troostmeisjes_7

Informatieve websites;

Informatief beeldmateriaal;

Dit beeldmateriaal kan als schokkend worden ervaren. Neem in het geval van jonge kijkers of ouderen met traumatische ervaringen passende maatregelen!

Actueel nieuws;

De laatste tientallen jaren is het onderwerp troostmeisjes bijzonder actueel omdat Japan niet wil erkennen dat dit een georganiseerde actie was van het Japanse leger met medeweten van de Japanse autoriteiten. Het gemis van deze erkenning speelt tot op de dag van vandaag en is zelfs een stevig politiek onderwerp.

Via Google kan je zoeken op de termen ‘troostmeisjes’ of ‘comfort women’ en vind je het actuele nieuws hierover.

Verantwoording;

Het tekstmateriaal komt van de website www.nanum.org en van documenten beschikbaar gesteld door dezelfde organisatie. Dit materiaal is geverifiëerd met diverse nieuwssites en publicaties. Bij het gebruikte fotomateriaal staat de herkomst vermeld.     Bas Kosterman 2015