Ons Korea

Onderwijsprogramma Alles Tonen / Ges / De Koreaanse oorlog / De nieuwe oorlog

De nieuwe oorlog

Zuid Korea

Door de felle Chinese aanvallen is het 8e leger gedwongen om zich ook terug te trekken uit zijn stellingen aan de Chongchonrivier. Het is een verschrikkelijk strijd, want het weer was beestachtig koud en de manschappen van de VN moesten zich onder vijandelijk vuur ordelijk proberen terug te trekken. Hieronder bevond zich ook de 2e Amerikaanse infanteriedivisie, waarin ook het Nederlandse bataljon meevocht. De verliezen van deze divisie waren aanzienlijk en zij trokken zich terug tot ver in Zuid-Korea om opnieuw uitgerust te worden.

Generaal Walker was, in eerste instantie, nog van mening dat hij Pyongyang kon verdedigen, maar al snel moest hij toch vaststellen dat de Chinezen zijn 8e leger konden omsingelen. Deze conclusie en zijn zorgen om de bevoorrading, die met name zijn superieure artillerie verzwakten, maakten dat hij besloot om Pyongyang op te geven en zich terug te trekken op posities ten noorden van Seoel. Daar hoopte hij stand te kunnen houden met kortere aanvoerlijnen en beter verdedigbaar terrein. Het goed gemotoriseerde VN-leger wist zich zonder al te veel problemen soepel terug te trekken in Zuid-Korea. De Chinese strijdkrachten waren voornamelijk te voet en konden de VN-troepen nauwelijks bijhouden.

Het 10e korps trok zich terug naar Hungnam, waarbij een aantal eenheden wat moeilijkheden ondervonden. Uiteindelijk werd de terugtrekkende beweging bekwaam en snel uitgevoerd zodat op 11 december het korps weer bij de kust was.

Generaal MacArthur gaf het 10e korps de opdracht verder terug te trekken richting Pusan, waarbij generaal Almond zijn troepen begon in te schepen in de haven van Wonsan. Zonder al te veel last te hebben van de Chinezen, die zware verliezen leden door de Amerikaanse artillerie en de extreme koude, werd de evacuatie afgerond op kerstavond.

Een dag voordat generaal Walker werd gedood, tijdens een botsing, terwijl hij vanuit Seoel naar het front reed, kwam zijn vervanger aan uit Washington. Generaal Matthew B. Ridgeway zou het commando overnemen over het 8e leger.Hiervoor was generaal Ridgeway naar Tokyo gegaan om instructies te ontvangen van generaal MacArthur. Deze instructies luidden als volgt; houd stand, zo noordelijk mogelijk en zorg ervoor dat het 8eleger intact blijft. De nieuwe commandant kwam aan in Korea op 26 december. Hij ging snel aan het werk en begon met het inspecteren van de eenheden aan het front. Daar kreeg hij serieuze twijfel over de kwaliteit van een aantal hogere officieren. Elke officier die niet voldeed werd vervangen en naar huis gestuurd. Verder was hij van mening dat het 8e leger nu niet in staat was om op grote schaal een offensief uit te voeren. Door de onverwachte drastische ommekeer in de strijd, de lange terugtocht, de extreme winterkoude, waarvoor niet voldoende gepaste kleding was, was het moreel van het leger aangetast.

Maar dat was niet alles. Hij ontdekte ook dat de opgezette verdedigingslinie nogal zwak en dun was. Er moest snel wat gebeuren, want de Chinese en Noord-Koreaanse troepen kwamen al weer opzetten. Zij verzamelden zich in het westen om Seoel aan te vallen. Twaalf opnieuw geformeerde Noord-Koreaanse divisies maakten zich op om zich in centraal Korea te ontplooien. Uit alle beschikbare inlichtingen bleek al gauw dat er een grootschalige aanval op komst was en dat deze zou plaatsvinden op nieuwjaarsdag.

Om de verdedigingslinies van het 8e leger te versterken, verplaatste generaal Ridgeway de 2e infanteriedivisie naar een zwakke plek in de centrale sector. Ook voerde hij de druk op generaal Almond op om het 10e korps in positie te krijgen. Dus het 10e korps moest heel snel zijn vervangingen regelen, terwijl ze eigenlijk al op weg waren. Generaal Ridgeway realiseerde zich dat hij de tijd tegen zich had.

De aanval van Chinese en Noord-Koreaanse eenheden werd geopend op nieuwjaarsavond. De hoofdrichting bleek inderdaad Seoel te zijn. Generaal Ridgeway trok zijn 8e leger compacter samen rond Seoel, waar hij een bruggenhoofd over de Hanrivier probeerde te behouden. Na sterke Chinese aanvallen op het bruggenhoofd werd het 8e leger teruggetrokken, ongeveer 45 kilometer zuidelijk van Seoel. In het westen verlieten de laatste VN-troepen Seoel op 4 januari 1951. Terwijl de Chinezen aan de noordkant de stad binnen trokken, bliezen de laatste VN-troepen de bruggen over de Hanrivier op.

Alleen licht bewapende Chinese eenheden kwamen zuidelijk van Seoel en de Chinese aanvallen in het westen van Korea stopten. In centraal en oostelijk Korea gingen de Noord-Koreanen voorwaarts. Echter de 1e mariniersdivisie wist ze de pas af te snijden en te vernietigen. Dit gaf een soort van pauze en maakte duidelijk waar de communisten zwak waren. Namelijk een zwak logistiek systeem. Een groot gebrek aan vrachtwagens en steeds langer wordende aanvoerlijnen die continue bestookt werden door de VN-luchtstrijdkrachten. Dat maakte dat deze pauze twee weken duurde voordat de Chinezen en Noord-Koreanen hun bevoorrading weer op orde hadden.

Generaal Ridgeway maakte goed gebruik van deze pauze om de stemming van het 8e leger weer op te krikken. Hij introduceerde een nieuw operationeel concept. Het was er op gericht om zoveel mogelijk slachtoffers te maken bij de communistische troepen, waarbij zoveel mogelijk gebruik gemaakt moest worden van de superieure vuurkracht van de VN-troepen, terwijl eigen verliezen zo laag mogelijk gehouden moesten worden. Door op deze manier structureel gevechtscontact te houden met de Chinese en Noord-Koreaanse troepen zou het werken als een ‘vleesmolen’ tactiek. Dit moest de vijandelijke troepen uitdunnen en ontmoedigen, zodat het 8e leger, wanneer de tijd weer rijp was, op kon rukken naar de 38stebreedtegraad. En op zijn best de Noord-Koreanen zou overtuigen de oorlog te staken.

In het midden van januari begon het 8e leger zijn tactiek van snelle uitvallen te proberen om inlichtingen te verzamelen en tegelijkertijd de vijand zoveel mogelijk slachtoffers toe te brengen. De kleine en korte operaties werden zorgvuldig gepland en uitgevoerd om zoveel mogelijk succes te hebben. De stemming sloeg hierdoor om in het 8e leger. Het zelfvertrouwen en de agressiviteit namen weer toe. Generaal Ridgeway kreeg hierdoor het vertrouwen dat zijn leger niet langer zou terug trekken. Sterker nog, vanaf 25 januari rukte het 9e korps langzaam op. Vanaf 30 januari deed het hele 8e leger dat ook.

Terwijl generaal Ridgeway steeds meer vertrouwen kreeg, was generaal MacArthur minder optimistisch. Generaal MacArthur vreesde nog steeds dat de krachtige Chinese interventie nog steeds in staat was de VN-troepen uit Korea te verdrijven, tenzij hij een flinke versterking zou ontvangen in mensen en materiaal. Helaas was er nog geen serieuze versterking beschikbaar. Het leger was nog druk bezig met het opbouwen van zijn reserves. Echter, de nationale garde was al wel gemobiliseerd, maar niet eerder beschikbaar dan midden 1951.

Het grote programma om het Amerikaanse leger uit te breiden, gestart in 1950, was ook nog niet zover en had ook niet de bedoeling om een massale Amerikaanse inzet in Korea te bewerkstelligen. In Washington was de grote zorg dat de Chinese interventie in Korea een openingszet was van de Sovjet-Unie om elders op de wereld één of meerdere andere oorlogen te starten. De zorg was groot genoeg om president Truman een verhoogde staat van paraatheid af te laten kondigen op 16 december 1950. In ieder geval werd Korea niet gezien als de plaats voor de betrokkenheid van Amerikaanse troepen in een grote oorlog. Omwille van al deze redenen gaf het Amerikaanse opperbevel aan dat een grote troepenopbouw ofwel versterking in Korea niet aan de orde was. De opdracht werd dat er geprobeerd moest worden om in Korea stand te houden en als dat niet mogelijk bleek, de VN-troepen zich weer terug moesten trekken op Pusan. Met als laatste optie evacuatie en terugtrekken naar Japan.

In tegenstelling tot de opdrachten vanuit Washington deed generaal MacArthur een viertal vergeldingsvoorstellen tegen China. Een blokkade van de Chinese kust, vernietiging van de Chinese oorlogsindustrie met luchtaanvallen, versterking van de VN-troepen door Chinese nationalistische troepen (Taiwan) en het toestaan dat deze troepen op het Chinese vasteland afleidingsoperaties mochten uitvoeren. Deze voorstellen voor escalatie werden min of meer serieus besproken in Washington, maar uiteindelijk afgewezen, omwille van het beleid om geen verdere escalatie te krijgen in Korea. Vervolgens ging het berichtenverkeer tussen Washington en Tokyo erover hoe en wanneer de VN zich uit Korea terug kon trekken.

Generaal MacArthur geloofde nog steeds niet dat Korea te behouden was. Deze zaak werd geregeld toen de allerhoogste Amerikaanse generaal J. Lawton Collings, van het Amerikaanse leger op bezoek kwam in Korea. Hij zag dat het 8e leger, onder het bevel van generaal Ridgeway, zichzelf uitstekend had herpakt. Hierdoor kreeg hij het vertrouwen dat het de Chinezen niet zou lukken het 8e leger te verdrijven uit Korea.

Het 8e leger ging verder met zijn voorzichtige opmars in de eerste weken van februari. Ze heroverde zelfs Inchon, maar er waren sterke aanwijzingen dat er weer een Chinees offensief aanstaande was in het centrum van Korea. Dat offensief begon in de nacht van 11 op 12 februari. Deze agressieve aanval verpletterde de 8e ROK-divisie en decimeerde er nog twee. De ROK-divisies hadden weinig eigen artillerie. Omdat ze onder het 10e korps vielen, waren ze afhankelijk van Amerikaanse artillerieondersteuning. Door verschillen in taal en cultuur was dat niet altijd even efficiënt. Een deel van de artillerie kreeg te laat zijn opdrachten om terug te trekken en viel in vijandelijke handen. Het 10e korps viel terug op de hoofdweg naar Wonju. Daar gingen de Amerikaanse en Zuid-Koreaanse troepen de nieuwe tactiek van generaal Ridgeway toepassen en brachten de aanvallende Chinese troepen schrikbarende verliezen toe. Op de westelijke flank van het 10e korps was de 2einfanteriedivisie met een toegevoegd Frans bataljon. Deze hadden zich ingegraven bij een kruispunt in Chipuyong-ni. Uiteindelijk afgesneden van de rest van het 8e leger en de 2einfanteriedivisie gingen deze Fransen de strijd aan met een tegenstander die acht keer groter was en wisten deze te verslaan.

ijzeren_driehoekVoor generaal Ridgeway was het duidelijk dat zijn nieuwe concept werkte. Het communistische februarioffensief werd tot staan gebracht en in bloed gesmoord. Hij gaf de opdracht aan het 8e leger om weer op te rukken. De Chinese en Noord-Koreaanse troepen gaven maar lichte tegenstand terwijl ze terugtrokken. Op 14 maart werd Seoel wederom bevrijd door het 1e korps. Tussen 27 en 31 maart bereikte het 8e leger weer de 38stebreedtegraad. Van hieruit rukte ze verder op naar een verdedigingslijn, die Kansas werd genoemd, langs de rivier de Imjin in het westen en dichtbij Yangyang in het oosten. Het merendeel van het 8e leger groef zich in langs deze linie in afwachting van het verwachte lenteoffensief van de Chinezen. Ondertussen stuurde generaal Ridgeway elementen van het 1e en 9e korps naar de ‘ijzeren driehoek” in het centrale deel van Korea. Dit gebied, ongeveerd 20 kilometer boven de 38stebreedtegraad, begrensd door Pyongyang in het noorden en Chorwon / Kumwha in het zuiden, was een gat tussen de Chinese eenheden en de Noord-Koreaanse eenheden. Omdat hier ook de Taebaekbergketen loopt en er belangrijke wegen liepen van oost naar west, en dus belangrijk voor de onderlinge logistiek van het communistische front, was dit een belangrijk en tevens kwetsbaar gebied in de communistische strategie.

Inmiddels hadden president Truman en zijn adviseurs de mogelijkheid overwogen dat, met de hernieuwde opmars van het 8e leger en de zware verliezen aan Chinese en Noord-Koreaanse kant, de communisten misschien wel ontvankelijk waren voor onderhandelingen.

De eisen van de resolutie door de Verenigde Naties waren opnieuw bereikt. Namelijk het verdrijven van invallers uit Zuid-Korea. In Washington en de hoofdsteden van de bondgenoten was er een groeiend besef dat het zo genoeg was. De hereniging van Korea moest maar onderhandeld worden na de oorlog.

Op 20 maart ontving generaal MacArthur van het opperbevel de boodschap dat president Truman een aankondiging voorbereidde. Hierin zou hij verklaren bereid te zijn om te onderhandelen met de Chinezen en Noord-Koreanen om het vechten te beëindigen.

Generaal MacArthur werd gevraagd adviezen te geven wat de krijgskansen waren om nog verder op te rukken boven de 38ste breedtegraad. Voordat de president zijn aankondiging kon doen, had op 24 maart generaal MacArthur zelf een voorstel gestuurd naar de vijandelijke commandanten om over de beëindiging van het vechten te praten. Echter de toon van dit bericht maakte dat het klonk alsof de VN de overwinnaar was. Het klonk als een ultimatum! President Truman annuleerde zijn eigen verklaring, omdat die er nu niet meer toe deed en was woest op generaal MacArthur. Hij hoopte echter wel dat de reactie van de communisten positief zou zijn en dat er gesproken kon worden over het beëindigen van de strijd. Het was ook duidelijk zijn dat president Truman niet erg gecharmeerd was van de actie van generaal MacArthur. Hierdoor overwoog de president om generaal MacArthurte ontheffen van zijn taken. Terwijl hij hier nog over nadacht ontstond er een nieuw incident.

Op 5 april in de Amerikaanse senaat werd de reactie van generaal MacArthur voorgelezen door de republikeinse leider Joseph Martin. Generaal MacArthur wilde namelijk gebruik maken van de nationalistische Chinese troepen (Taiwan) om een tweede front te openen. Hij wilde vooral met veel kracht reageren en voerde aan dat als Azië ten prooi viel aan het communisme dat oorlog in Europa onvermijdelijk was. Volgens hem was er geen alternatief voor de overwinning in Korea. President Truman kon op geen enkele wijze accepteren dat generaal MacArthur het nationale beleid op deze wijze beïnvloedde. Hij trok dan ook de conclusie dat als generaal MacArthur niet het beleid van de Verenigde Staten en de Verenigde Naties steunde hij van zijn officiële taken moest worden ontheven. Op 11 april werd generaal MacArthur door president Truman teruggeroepen en werd generaal Ridgeway als zijn opvolger aangesteld. In de volgende maanden bleef generaal MacArthurzijn denkbeelden verdedigen tegenover de Trumanregering. Dat deed hij in de media en tegenover het congres. Het land reageerde geschokt dat één van zijn grote militaire leiders op deze wijze werd teruggetrokken, maar uiteindelijk werd dit geaccepteerd.

Generaal James A. Van Fleet, commandant van het 2e leger in de Verenigde Staten, werd aangesteld om generaal Ridgeway op te volgen als commandant van het 8e leger. Op 14 april ging generaal Ridgeway naar Tokyo, nadat hij het 8e leger had overgedragen en het bevel over het Verre Oosten Commando op zich nam.

Ondertussen ging de opmars door richting de “ijzeren driehoek”. In toenemende mate waren er aanwijzingen dat de communisten klaar waren om een nieuw offensief te starten. Op 22 april lanceerden tweeëntwintig Chinese divisies en negen Noord-Koreaanse divisies sterke aanvallen op het westelijke en centrale front. Ondersteund door lichtere aanvallen aan het oostelijke front. De belangrijkste aanvallen waren gericht tegen het 1e korps die de toegangswegen naar Seoel verdedigden. De 6e ROK-divisie stortte geheel in en liet dus de linkerflank open van het 9e korps dat nu bedreigd werd met omsingeling. Deze dreiging en de hoeveelheid Chinese troepen die oprukten naar Seoel maakten dat het 1e en het 9ekorps begonnen terug te trekken. Hierbij veroorzaakten ze grote verliezen bij de Chinezen. Door effectief vertragingsacties uit te voeren kregen ze tijd om enkele kilometers ten noorden van Seoel nieuwe verdedigingslinies in te richten. Door de verschrikkelijke vuurkracht van de VN-troepen en de slechte bevoorrading van de Chinese troepen werd de communistische opmars tot staan gebracht. De Chinese en Noord-Koreaanse eenheden trokken zich terug om zich te reorganiseren en te bevoorraden. Generaal Van Fleet maakte plannen om weer op te rukken naar de Kansas verdedigingslinie maar stelde deze uit toen hem inlichtingen bereikten die aangaven dat dit slechts de eerste aanval was. Daarom werden de commandanten van het 8e leger geïnstrueerd om hun huidige posities te versterken en de hoeveelheid artilleriesteun aanzienlijk te verhogen. De communistische troepen hernieuwden hun aanval op 15 mei. Generaal Van Fleet verwachtte de aanval weer tegen Seoel, maar deze kwam de aanval in de oostelijke sector tegenover het 10e korps en het 3e ROK korps. Twee ROK-divisies onder het 10e korps moesten wijken onder de Chinese druk. Gecombineerde Chinese en Noord-Koreaanse eenheden verpletterden het 3e ROK-Korps op 18 mei. Terwijl generaal Van Fleet eenheden van het westen naar het oosten verplaatste, wist de 2e infanteriedivisie de aanval af te slaan en ontzegde de vijand een doorbraak. Hele Chinese en Noord-Koreaanse eenheden werden aan flarden geschoten door de enorme VN-vuurkracht. Op 20 mei had het 8e leger de aanval afgeslagen. Vastbesloten de overgebleven vijandelijke eenheden te vernietigen maakte dat Generaal Van Fleet de onmiddellijke tegenaanval opende.

Door de zware regenval en het bergachtige terrein lukte dit echter niet. Tegen 31 mei was het 8e leger bijna weer op de lijn van Kansas. Een deel van het 8e leger begon de zuidelijke helft van de “ijzeren driehoek” in te nemen. Het 8e leger had nu uitstekende verdedigbare posities. Daarom kreeg generaal Ridgeway de opdracht van het opperbevel om deze lijn vast te houden in afwachting van onderhandelingen met de Chinezen en Noord-Koreanen. De laatsten realiseerden zich dat ze niet langer sterk genoeg waren om het zuiden te veroveren. Ook zij gingen zich ingraven tegenover de posities van de VN-troepen. De strijd verzandde in patrouilleren en kleine lokale gevechten.